Hier wordt heel beknopt uitgelegd hoe je radiozendamateur wordt. Via links naar achterliggende webpagina's kan meer informatie worden verkregen.   " BRON VERON "

Eigenlijk is de vraag: "hoe wordt ik radioamateur", want het grootste deel van de tijd, welke een zendamateur aan de hobby besteed, wordt er geluisterd, informatie en gegevens gezocht, bekeken en bijgehouden op de computer (internet). Aan zelfbouw van antennes, meet-, ontvang- en zendapparatuur kan ook veel tijd worden besteed..
Het daadwerkelijk zenden, het maken van een radioverbinding met een andere radioamateur, waar ook ter wereld, betreft vaak maar een klein deel van de tijd, welke aan deze hobby wordt besteed.

Luisteramateur

Het is dan ook verstandig om eerst te beginnen als luisteramateur. Je hebt daarvoor een radio-ontvanger nodig, die geschikt is om op de aan de radioamateur toegewezen frequeties te kunnen luisteren. Een normale omroepontvanger begin je niet veel, je hebt daarvoor een communcatieontvanger nodig. Radioamateurs gebruiken afwijkende modulatietechnieken om hun signalen met behulp van radiogolven over te brengen.
Een verbinding tussen twee radioamateurs kan soms niet of nauwelijks te volgen zijn. Er wordt vaak gebruik gemaakt van
afkortingen, het amateur jargon. Het is dus nodig dat men weet heet van de geldende gebruiken in de wereld van 'hamradio', de 'operating practice'. Die kennis verkrijg je door studie en ervaring.

Opleiding

Luisteren naar anderen is het sleutelwoord voor de beginner. Luister naar de radioverbindingen op de amateurfrequenties en laat je daarbij helpen door een meer ervaren amateur in jouw buurt. Sluit je daarom aan bij de plaatselijke afdeling van de VERON, de grootste landelijke vereniging van radioamateurs.
Zij kunnen je vertellen waar en wanneer een speciale
cursus gegeven wordt. Zo'n cursus duurt meestal 1-2 jaar en geeft je voldoende ondergrond om de radiohobby met voldoening te kunnen beofenen. De cursus leidt op voor het radiozendexamen.

Bij leden van de plaatselijke VERON-afdeling kun je bijvoorbeeld vragen wat een goede ontvanger is, welke antenne voor jouw situatie geschikt is en advies krijgen voor aanschaf van (2e hands) apparatuur.

Bij het VERON Service Bureau kun je cursusboeken bestellen.

Lid worden van de VERON

Bezoek vooral de bijeenkomsten van een afdeling bij jouw in de buurt en wordt lid van de VERON. Lidmaatschap is niet verplicht, maar het helpt de VERON om de belangen van de radioamateurs in Nederland te behartigen. De lidmaatschapskosten zijn gering. Je ontvangt maandelijks het maandblad ELECTRON en je verkrijgt toegang tot de ledensectie van de VERON website.

Zendamateur:

De examens worden afgenomen in april en november op een centrale plaats in het land. Als je het examen met goed gevolg hebt afgelegd kun je roeplettes aanvragen bij het AT/EZ, het Agentschap Telecom van het Ministerie van Economische zaken.

Daarmee mag je zelfstandig een (eigenbouwd) zender bedienen op de voor de radioamateurs bestemde frequenties.

Zomaar een frequentie uitkiezen om op te gaan zenden is uit den boze. Elke zender kan storing veroorzaken in andere apparatuur of draadloze communicatie verstoren. Dit kan vitale apparatuur zijn in bijvoorbeeld ziekenhuizen, of besturingen van grote gevaarlijke machines of vitale communicatie met bijvoorbeeld vliegtuigen. De laatste decennia zijn draadloze communicatie toepassingen ook nog eens enorm gegroeid en is de kans op storing veel groter geworden. Het is dan ook logisch, dat de overheid verlangd, dat een persoon, die met een eigen zender met een flink zendvermogen, dingen gaat uitproberen, misschien wel zelf bouwen en zelfs experimenteren, dat toch met enig verstand doet en binnen bepaalde grenzen.

Er zijn twee kennisniveaus ingesteld met bijbehorende vergunningen en zendmogelijkheden. (Meer info beschikbaar

Wat gaat dat kosten

Je kan deze hobby zo duur maken als je zelf wilt.

  • Een redelijke 2e hands ontvanger kost ca. € 100,- en een nieuwe v.a. € 500,-.
  • Een redelijke 2e hands basis zendontvanger kost ca. € 400,- en een nieuwe v.a. € 800,-.
  • Een redelijke 2e hands antenne kost ca. € 50,- en een nieuwe v.a. € 150,-.
  • Een goede antenne maak je zelf met draad of aluminium buis van de doe-het-zelf.
  • Het lidmaatschap van een vereniging kost ca. € 50,- per jaar

Examen

Twee maal per jaar worden er examens afgenomen. In het voorjaar en in het najaar.
Het eerstvolgende examen wordt gehouden in het voorjaar 2008.

Aanmelden examen

 

Kandidaten kunnen zich op twee manieren aanmelden voor het examen.

  • Via de internetsite van het Agentschap Telecom
    Kandidaten voor het F- en/of N-examen kunnen zich 24 uur per dag aanmelden. De ontvangst van de aanmelding wordt door Agentschap Telecom per email bevestigd. Persoonsgegevens dienen overeen te komen met het op het examen te tonen legitimatiebewijs; het emailadres dient correct te zijn omdat dit wordt gebruikt om de ontvangst van de inschrijving automatisch te bevestigen.
     
  • Telefonisch bij het Klantcontactcentrum van Agentschap Telecom
    telefoon (050) 587 74 44, op werkdagen van 08:00 – 17.00 uur.

Een bijzonder (mondeling) examen moet altijd telefonisch bij de secretaris van de Examencommissie worden aangevraagd; telefoon (050) 587 73 33.

Voor deelname aan een examen geldt geen leeftijdsgrens. Voor het verkrijgen van een F-vergunning geldt echter een minimumleeftijd van 14 jaar. Voor de N-vergunning is de minimumleeftijd 12 jaar.

Examens worden afgenomen door de Examencommissie voor de amateurradiozendexamens van Agentschap Telecom. De examens vinden groepsgewijs en op een centrale plek in Nederland plaats. De examens 'Radiovoorschriften en techniek' (I en II) zijn op dezelfde dag.

Vergunningen

De vergunning

In het belang van een goede verdeling alsmede een ordelijk en doelmatig gebruik van frequentieruimte zijn aan een vergunning voorschriften en beperkingen verbonden:

  • het doelmatig gebruik van de toegewezen frequentieruimte;
  • de aard van de radiozendapparaten en de daarbij behorende antenne-inrichting alsmede het vermogen waarmee mag worden uitgezonden;
  • bescheiden die de vergunninghouder ter beschikking moet houden.
  • het veroorzaken van belemmeringen in het etherverkeer en in radiozend- of ontvangapparaten door het gewenste signaal van een radiozendapparaat.
     
  • Vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte ten dienste van het doen van onderzoekingen worden onderverdeeld in de categorieén F en N, welke worden onderscheiden door de voor elk van deze categorieén toegewezen frequentiebanden en de toegestane zendvermogens zoals aangegeven in de bijlage behorende bij deze regeling.
  • Een F vergunning wordt slechts verleend aan natuurlijke personen van 14 jaar en ouder die met goed gevolg het daartoe vereiste examen hebben afgelegd;
  • Een N vergunning wordt slechts verleend aan natuurlijke personen van 12 jaar en ouder die met goed gevolg het daartoe vereiste examen hebben afgelegd.
  • Wordt de vergunning verleend, dan worden als roepletters toegewezen de eigen roepletters gevolgd door /PA (A-, C- of F-vergunning) of /PD (N-vergunning)
  • Een vergunning wordt op aanvraag verlengd, tenzij een doelmatige ordening van het frequentiespectrum zich daartegen verzet.
  • Bij verlenging van een vergunning kunnen de aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen worden gewijzigd en kunnen nieuwe voorschriften of beperkingen aan de vergunning worden toegevoegd.
Er bestaan 2 vergunningen, welke N en F worden genoemd.
De morse-eis is vervallen.
  • Met een N-vergunning, mag u experimenteren en radioverbindingen maken in een beperkt gedeelte van de aan de radioamateurs toegewezen frequentiebanden. (zie hiervoor het bandplan.) Het toegestane vermogen van de zender is 25 watt.
    Om een N-vergunning te kunnen aanvragen, moet het examen 'Radiotechniek en voorschriften II' met goed gevolg worden afgelegd.
    De vereiste kennis van de techniek is ten opzichte van de F-vergunning beperkt. Het examen bestaat uit 40 meerkeuzevragen met 3 antwoordkeuzes. Hiervan moeten minimaal 29 goed beantwoorden.
    Hiermee mag je experimenteren en verbindingen maken in de twee meter- en de 70cm amateurband en op beperkte gebieden in de HF-banden (zie
    bandplan). Het maximale vermogen is 25 watt. Je kunt naar hartelust experimenteren met zenders en antennes voor deze frequenties. De reikwijdte van deze zenders bedraagt zo ongeveer een 100 km onder normale omstandigheden. Onder bijzondere atmosferische omstandigheden kan men een bereik hebben van een 1000 km. Op HF staat de hele wereld voor je open.
  • Een F-vergunning biedt meer mogelijkheden dan een N-vergunning. Voor de F-vergunning is het examen 'Radiotechniek en voorschriften I' een vereiste. Het examen bestaat uit 50 meerkeuzevragen met 4 antwoordkeuzes. Hiervan moet u er minimaal 35 goed beantwoorden.
    Voor de F-vergunninghouder geldt dat:
    • men op alle amateurbanden mag uitzenden
    • een zendvermogen van 400 watt voor de 70-centimeterband, de 2-meterband en vanaf de 10-meterband (30 MHz en lager) is toegestaan. Voor de overige amateurbanden geldt een toegestaan zendvermogen van 120 watt
    • men gebruik mag maken van alle uitzendtechnieken (spraak, morsetelegrafie, telex, televisie en dergelijke)

     
  • Geleidelijk aan zal ook de kennis van digitale technieken getoets worden. Zie hiervoor het rondschrijven van Aad, PA0XAB
     
  • Meer en actuele informatie over de toegewezen frequnetiebanden vindt u op het bandplan.

Opmerking

De vroegere A- en C-vergunningen blijven bestaan maar Agentschap Telecom geeft geen nieuwe A- en C-vergunningen meer uit. Hiervoor is de F-vergunning in de plaats gekomen.
Voor A- en C- vergunningen gelden nu dezelfde gebruiksmogelijkheden als voor de F-vergunning.

Exameneisen

De vereiste kennis voor het examen is internationaal vastgelegd in CEPT dokument TR 61-02.
Het Agentschap Telecom heeft daar een toelichting/ aanvulling opgegeven in
Gebruikregels, procedures en regelgeving Amateurdienst. Die informatie is een hulp bij de studie van de hoofdstukken 11, 12 en 13 van de exameneisen voor de amateurradiozendexamens Radiotechniek/voorschriften I en Radiotechniek/voorschriften II, dat het gevolg is van een wijziging van de CEPT-recommandatie T/R 61-02.

Cursus

Soms worden er in een afdeling door en voor amateurs cursussen of begeleiding gegeven bij de studie voor een zendexamen. Overigens hangt het helemaal van de vooropleiding af hoe zwaar de studie voor de kandidaat is. Neem contact met je afdelingssecretaris op voor informatie wat er in de afdeling voor studiehulp mogelijk is. Heeft je afdeling geen cursus informeer dan bij een naburige afdeling.
De VERON geeft studieboeken uit, tegen amateurprijs, voor de desbetreffende vergunningen: Het N cursusboek, het F cursusboek en vragenboekjes welke een verzameling van honderden vragen bevatten uit de in het verleden afgenomen examens.

Studiemateriaal:

Overal in het land verzorgen VERON afdelingen cursussen welke opleiden voor het examen.

Via de online service van het VERON Service Bureau is het studiemateriaal te bestellen.

En vraag eventueel nadere informatie:

bron veron